Een beledigende beloning voor de ambassadeur van de keizer
De oorlog in Holland, Utrecht en de andere gewesten van de Republiek ging in 1592 bijna zijn 25ste jaar in, toen in Den Haag een ambassadeur van keizer Rudolf II in Den Haag verscheen. Otto Heinrich von Bylandt, freiherr von Rheidt, was gestuurd om te bemiddelen tussen de oorlogvoerende partijen.
De Tachtigjarige Ooorlog (1568-1648)
In 1568 was een opstand uitgebroken tegen Filips II, de ‘coninck van Hispanien’ uit ons volkslied, die als heer der Nederlanden de Lage Landen bestuurde. De opstand leidde ertoe dat de noordelijke gewesten de koning afzwoeren en samen de Republiek der Verenigde Nederlanden vormden. De zuidelijke Nederlanden bleven trouw aan koning Filips II.
De Tachtigjarige Oorlog werd uitgevochten op het grondgebied van het huidige Nederland, België en Luxemburg. Maar ook voor de omringende landen was de oorlog een ramp. De havens in de Nederlanden vormden een belangrijke schakel tussen Engeland en het Rijngebied en tussen Scandinavië en Zuid-Europa. Daarom zond de Duitse keizer een gezant naar Den Haag.
Een onsuccesvolle missie
Ambassadeur Von Bylandt was eerst naar de zuidelijke Nederlanden gereisd om daar te praten over vrede. Op 27 maart 1592 verscheen hij in de vergadering van de Staten-Generaal in Den Haag. De keizerlijke gezant werd met alle egards ontvangen, maar tegelijkertijd werd hem te verstaan gegeven dat de Republiek helemaal niets voor onderhandelingen voelde.
Het geschenk voor de ambassadeur
Op 7 april besloten de Staten-Generaal om aan de vertrekkende ambassadeur het gebruikelijke afscheidsgeschenk te geven, namelijk een gouden ketting en twee medailles. Maar Von Bylandt weigerde tot tweemaal toe het geschenk te aanvaarden. Een reden voor de weigering wordt niet gegeven. Maar als we kijken naar de medailles die aan de ketting hingen, dan lijkt wel duidelijk waarom Von Bylandt het geschenk weigerde: op de keerzijde van een van beide medailles staan verschillende katholieke vorsten afgebeeld. Met een blinddoek voor hun ogen zitten zij met hun voeten op een spijkerbed. Onder de vorsten herkennen we niet alleen de paus en de Spaanse koning Filips II, maar ook keizer Rudolf II, de heer die Von Bylandt vertegenwoordigde. Het Latijnse omschrift laat weinig aan duidelijkheid te wensen over: O blinde geesten der mensen, o blinde harten. Dat zal voor Von Bylandt zeker de reden zijn geweest om het gouden geschenk te weigeren.
De Staten-Generaal gebruikten het afscheidsgeschenk dat zij altijd aan vertrekkende ambassadeurs en onderhandelaars gaven om nogmaals duidelijk te maken dat er niet over vrede te praten viel. De ambassadeur van de keizer begreep de boodschap en weigerde het aangeboden geschenk.
Het is niet altijd GOUD wat er blinkt!!
Lorem ipsum dolor sit amet, consectetur a dipiscing elit, sed do eiusmod tempor incididunt ut labore et dolore magna aliqua. Ut enim ad minim veniam, quis nostrud