De nacht was zwart en de kou sneed door alles heen. Urenlang roeide een reddingsboot door ijzel en sneeuw, zonder zekerheid of er nog iets te redden viel. Aan boord zat Benjamin Dale, een man die niet wist wat hem te wachten stond, maar wel dat omkeren geen optie was.
Het verhaal begint dagen eerder, op een zandbank voor de Engelse kust, waar wanhoop en uithoudingsvermogen samenkwamen.
Een schip in nood voor de kust van Engeland
In januari 1881 was het Noorse stoomschip Ingerid onderweg met een lading vis van Noorwegen naar Italië. Op 17 januari verslechterden de weersomstandigheden plotseling. Een zware sneeuwstorm ontnam het zicht en het schip raakte uit koers. Ten zuiden van Harwich liep de Ingerid vast op de zandbank Sunk Sand.
Pogingen om contact te krijgen met het vasteland of passerende schepen mislukten. Twee mannen sloegen overboord en verdronken. Een deel van de bemanning besloot het schip te verlaten, vertrokken in een sloep en werden nooit meer teruggevonden. Zeven mannen bleven achter aan boord, vastgesjord aan de bezaanmast die nog boven water uitstak, zonder te weten of hulp ooit zou komen.
Acht uur roeien door ijs en duisternis
Pas op 20 januari werd het gestrande schip gemeld bij het lichtschip Cork. Het bericht bereikte het reddingsstation van Harwich, waar die avond de reddingsboot Springwell werd klaargemaakt voor vertrek. De havenmond bleek deels dichtgevroren en de bemanning moest zich met grote moeite een weg door het ijs banen.
Benjamin Dale maakte deel uit van deze bemanning. Na de vertraging volgde een uitputtende tocht door de nacht. Acht uur lang werd geroeid, tot in de vroege ochtend van 21 januari het wrak van de Ingerid werd gevonden. Na meerdere pogingen lukte het een touw aan het grotendeels gezonken schip te bevestigen. Eén voor één werden de halfbevroren mannen aan boord gebracht.
Rond tien uur ’s ochtends keerde de Springwell terug in Harwich. Zeven opvarenden hadden de ramp ternauwernood overleefd. Negen anderen waren omgekomen. Een van de geredden verklaarde later dat zij alle hoop al hadden opgegeven en het zonder de reddingsboot niet langer zouden hebben volgehouden.
Een Nederlandse medaille voor een Engelse redder
Voor zijn aandeel in deze uitzonderlijke reddingsactie ontving Benjamin Dale de kleine zilveren medaille van de Zuid-Hollandsche Maatschappij tot Redding van Schipbreukelingen. Een Nederlandse onderscheiding, toegekend aan een Engelse redder, als erkenning voor moed, volharding en menslievendheid op zee.
Dale was in die periode tweede stuurman bij het reddingsstation van Harwich, een functie die hij van 1881 tot 1890 vervulde. Daarna diende hij nog vele jaren als eerste stuurman. Ook bij latere reddingen onderscheidde hij zich, waarvoor hij naast Britse onderscheidingen ook deze Nederlandse medaille droeg. Zij bleef zichtbaar op zijn borst, een stille getuige van een redding onder extreme omstandigheden.
Benjamin Dale overleed begin mei 1909. Zijn medaille vertelt sindsdien het verhaal van een man die bleef roeien, onder omstandigheden waarin velen waarschijnlijk al geen hoop meer hadden gehad.
Lorem ipsum dolor sit amet, consectetur a dipiscing elit, sed do eiusmod tempor incididunt ut labore et dolore magna aliqua. Ut enim ad minim veniam, quis nostrud