De Vaardigheidsmedaille van de Nederlandse Sportfederatie is ingesteld als beloning voor het behalen van de vaardigheidsproeven van de Nederlands Sport Federatie.
De Vaardigheidsmedaille van de Nederlandse Sportfederatie kent de graden goud, zilver en brons. De onderscheiding wordt nog steeds uitgereikt en staat vermeld in het door de Minister van Binnenlandse Zaken vastgestelde besluit draagvolgorde onderscheidingen.
| Begindatum | 1960 |
|---|---|
| Einddatum | |
| Opschriften | voorzijde: VOOR ALZIJDIGE VAARDIGHEID; keerzijde: NSF |
| Afmetingen [breedte] | 32 mm |
| Materiaal | goud; zilver; brons |
| Aantal |
| Instellingsbesluit | |
|---|---|
| Aanvullingen | |
| Doel | ingesteld als beloning voor het behalen van de vaardigheidsproeven van de Nederlands Sport Federatie. |
| (Historische) context | |
| Vervaardiger | Koninklijke Begeer; H. Wetselaar |
| Literatuur | Orders and Decorations of the Netherlands, 140-142 |
| Opmerking | Bij de eerste verlening ontvangt men de medaille in brons. Bij een tweede verlening ontvangt men een bronzen cijfer 2 dat op het lint van de bronzen medaille gedragen wordt. Bij de derde verlening ontvangt men de medaille in zilver. Bij de vierde verlening ontvangt men een zilveren cijfer 4, dat op het lint van de zilveren medaille gedragen wordt. Bij de vijfde verlening ontvangt men een gouden medaille. Voor verdere verleningen ontvangt men het betreffende cijfer in goud. Bij de 10de verlening ontvangt men een bronzen lauwertak, die op het lint van de gouden medaille wordt gedragen. Een 11de, 12de, 13de en 14de verlening wordt aangeduid met de Romeinse cijfers I, II, III en IV. Bij de 15de verlening volgt een zilveren palmtak en bij de 20ste een gouden. |
| Geheel | |
|---|---|
| Deel | |
| Toevoegingen | palmen; herhalingsgespen |